De Leegheid Van Relevante Informatie

Ken je dat?

Je bent lekker aan het schrijven maar die laatste zin wil maar niet komen. Dus schrijf je verder en verder en verder…

Ergens in die hele lange tekst bevindt zich de relevante informatie. Woorden waarop je toekomstige klanten zitten te wachten.

Klanten die waardering zoeken, gemakkelijker werk willen, gezond willen zijn, geen angst willen hebben, plezier willen maken, geld willen besparen, gemak zoeken, gelukkig willen zijn, er aantrekkelijk willen uitzien, meer vrije tijd willen en geld willen verdienen. En nog veel meer.

Klanten hebben behoeften. Alle klanten. Alle mensen. Over die behoeften gaat communicatie. En over de manier waarop jij mensen helpt het probleem van die behoeften op te lossen.

Jij hoofdpijn? Ik aspirine! Jij een mooi kapsel? Ik kan knippen! Jij bent druk? Ik leer je tijdmanagement!

Daarover schrijven is relevant. De leegheid van relevante informatie gaat over teksten waarin geen woord gemist kan worden en ieder nieuw woord er een te veel is.

Waarom Een Website Op Een Blik Soep Lijkt

Een blik soep bestaat uit drie onderdelen, de verpakking, het blik en de soep. Hoe smakelijker de verpakking en hoe eenvoudiger het blik geopend kan worden, hoe meer mensen smullen van de inhoud. Behalve als die inhoud niet te pruimen is. Dan kan de soepfabrikant wel inpakken. Hoe mooi en hoe makkelijk de buitenkant ook is, als de inhoud niet lekker is koopt niemand vaker dan één keer zo’n blik soep. Wat voor een blik soep geldt gaat ook op voor websites. Een mooie website met een eenvoudige navigatie maar met een oninteressante inhoud wordt zelden vaker dan een keer bezocht.

Wat zit er nou zoals in soep? Water, bouillon, kruiden, groente en vermicelli; ze horen er in de juiste hoeveelheden in te zitten. Teveel water of teveel zout maken er een laffe of een zoute substantie van. Terug naar de website. Gemakkelijk gevonden worden en er leuk uitzien is één, goede content hebben is twee. Daarover vooraf nadenken is geen kwestie van luxe, maar van noodzakelijke voorbereiding. Interessante tekst maar niet teveel. Foto’s die een verhaal vertellen en filmpjes die kort en boeiend zijn. Een goede, duidelijke tekst bij de producten of diensten. De content bepaalt de kwaliteit van iedere website. Beter een kleine eenvoudige website dan een statussymbool dat er uitziet als een veelkoppige draak. Zoals de soepproducent zijn klanten meeneemt op een smaakavontuur, zo moet een website de bezoekers aan de hand meenemen langs zoveel mogelijk avontuurlijke pagina’s. Zorg er dus voor dat er iets te beleven is. En dan geen filmpje van anderhalf uur over een bijzonder productieproces maar een van drie minuten over de voordelen die iemand als klant ten deel vallen. Een website die er uit ziet als een smakelijk bord soep wordt een bezoekerstrekker.

Fantasie Maakt Ons Denken Flexibel

Aan de rand van het bos waar we veel wandelen, staat een huis. Het is een mooi huis, gebouwd op een open plek, een beetje verscholen onder de bomen. Het heeft een rieten dak en op de bovenverdieping staat een raam een stukje open. We hebben het huis, een aantal jaren geleden, gebouwd zien worden. Toen het helemaal klaar was gebeurde er… niets. En nog steeds staat het huis leeg. Als we langs het huis lopen verzinnen we steeds een nieuwe reden waarom dat huis, daar aan de rand van het bos, leeg staat. Het is vreemd en juist dat dat prikkelt onze fantasie.

Van alles hebben we al verzonnen. Zoals de pied-à-terre voor de maîtresse van een miljonair die tijdens de bouw overleed. Of een plek waar drugs worden opgeslagen. Misschien is het huis wel gebouwd door een Rus die ons land niet meer in mag. Strijden twee, inmiddels gescheiden, echtlieden al die jaren over de vraag wie er mag wonen. Of is de aannemer failliet gegaan en lukte het de curator niet om dit huis te verkopen. Steeds proberen we iets nieuws te verzinnen. Niet dat onze verbeeldingskracht iets verandert aan de situatie. Het huis staat er nog steeds, eenzaam en leeg. Wel genieten we zelf van ons gefantaseer. Tot zover niks nieuws. Totdat ik een onderzoeksverslag las waaruit bleek dat fantaseren heel wat meer is dan een spelletje. Door onze fantasie de vrije loop te laten houden we onze geest gezond. De geest van mensen met veel fantasie is flexibeler.

Verbeeldingskracht schept nieuwe vormen van kijken en denken en verbetert het leervermogen. Het op verschillende manieren bekijken van een zelfde ding of situatie is niet alleen leuk om te doen maar ook erg nuttig voor ons brein. Gelukkig heb je voor fantasie geen leeg huis aan de rand van een bos nodig. Mensen, situaties, kunstwerken, vakantiefoto’s, een rij voor de kassa, de schoenverkoopster of een jarige neef zijn ook prima onderwerpen om je fantasie op los te laten. Fantasie verrijkt je leven.

Is Jouw Werk Ook Een Privilege?

Studeren is een privilege” zei M., naast me in de auto. Een aantal keren per jaar schrijven we ons in voor een workshop, meestal op het gebied van filosofie of psychologie. De workshop waar we net vandaan kwamen had als titel “Levenskunst, zingeving of zelfzorg”. Van de dertig aanwezigen waren er drie man. Verder was iedereen wit, erudiet en voorzien van een positieve, oplossingsgerichte levenshouding. Een select gezelschap waaruit prachtige verhalen, goede voorbeelden en verrassende inzichten kwamen. Met als gemeenschappelijke kenmerken ‘interesse in de medemensen’ en ‘betrokkenheid’. Inzichten delen is dan echt een voorrecht. Dit soort bijeenkomsten zijn niet alleen inspirerend maar bieden ook veel stof voor een goed gesprek. En voor columns. Deze morgen was, voor mij, de wereld heel eventjes een ideale plek. Waar mensen met oprechte interesse naar elkaar luisteren, waar veel vragen worden gesteld en waar complimenten worden uitgedeeld. Tussen mensen die elkaar tot dat moment nog nooit eerder hebben gezien. Heel bijzonder. Helaas is het beeld van de dagelijkse werkelijkheid genuanceerder. Met als uitschieters mensen die zich uitsluitend richten op hun problemen en geen kans zien te kijken naar oplossingen.

Wat voor mensen geldt, gaat ook op voor organisaties. Ook daar zien we leiders die zich richten op problemen en anderen die gefocust zijn op oplossingen. Uit psychologisch onderzoek weten we dat mensen die zich richten op oplossingen een succesvoller, en vaker ook gelukkiger, leven leiden. Voor bedrijven zal dit ongetwijfeld ook gelden. Wie bij zo’n club werkt zal de uitspraak van M. beamen en zeggen: “Mijn werk hier is een privilege”.

Deze column verscheen eerder op de website van deOndernemer.

Luie Campingbazen Maken De Mooiste Vakanties

Regelmatige vakanties zijn een privilege voor docenten. Omdat we van avontuur houden hebben we ze gebruikt om, met tent of caravan, door Europa te trekken. Om veel te zien maar vooral om veel te beleven. Als kampeerder kan dat. Iedere camping is anders, wordt anders geleid en levert zo verschillende indrukken en herinneringen. Campingbazen maken een belangrijk onderdeel uit van die herinneringen.

Zo was er een Nederlands echtpaar dat een camping runde in het Schwarzwald. We kwamen er, zoals zo vaak, door een tip. De camping lag op een helling achter een groot hotel en stelde eigenlijk niet veel voor. Dit in tegenstelling tot de vrouwelijke helft van het paar. Binnen een paar uur was ons duidelijk dat het haar camping was, ze zorgde voor sfeer en voor reusachtige taartpunten die ’s morgens naast de harde broodjes lagen. Onweerstaanbaar. Het ging er gemoedelijk en gastvrij aan toe, iedereen had het naar de zin en de lijst met bezienswaardigheden, eenvoudig getypt, hebben we helemaal afgewerkt.

De nieuwe beheerder van de camping boven Kassel pakte het heel anders aan. Nors wees hij ons een vaste plaats aan, mopperde op iedereen die ook maar iets buiten de lijntjes deed en was verder net zo tolerant als de rotsen aan de overkant van de rivier. De hele dag liep hij te redderen en gunde zichzelf maar ook de gasten weinig rust. Ondanks het leuke stadje en de mooie omgeving zijn we snel weer vertrokken.

Terugkijkend concludeer ik dat regelzucht haaks staat op plezier hebben en genieten. Gelukkig hadden we in het onderwijs als privilege regelmatig vakantie.

De Trukendoos Van Storytelling

Een grote, Duitse bouwmarkt heeft als slogan “Ideen muss man haben”, ideeën moet men hebben. Waarmee ze bedoelen dat zij alles in huis hebben om die ideeën uit te voeren; planken, verf, behang of een figuurzaag. Het zijn grote winkels waar ik best een uurtje kan doorbrengen. Helemaal in de wetenschap dat vlak bij de ingang een bakker is met “Kaffee und Kuchen”. Een ideale plek om de verloren energie weer aan te vullen. Maar dat lost mijn probleem met die slogan niet op. Is een muur in de kamer zacht grijs verven het gevolg van een idee? Of gewoon een klusje? Wat is dat eigenlijk, een idee? Voor mij betekent het dat ik iets nieuws schep, iets dat er eerder niet was. Een andere invalshoek, een ongewoon gebruik van woorden of betekenissen, of een onderwerp waarover nog nooit iemand iets geschreven heeft. Veel schrijvers gaan zitten wachten op een idee. Dat wachten kan soms heel lang duren. Helaas heb ik daar de tijd niet voor. Een tekst moet op een bepaald moment gewoon af zijn. Tegen een klant zeggen dat er nog geen goed idee uit de lucht viel en dus het verhaal later komt is echt geen optie. Daarom heb ik een trukendoos. Ooit geleerd tijdens een cursus ‘creatief schrijven’. Daar kregen we zeven kaartjes uit het memory spel. De verschillende afbeeldingen hadden niets gemeen, de opdracht was er een logisch verhaal over te schrijven. Mijn verhaal destijds heette ‘Jacobus en de schoen’. Ik heb het nog steeds. Na de memory kaartjes volgden illustraties, tekeningen, foto’s, woorden, vakantiekiekjes, schilderijen, ontmoetingen, rijen voor de kassa en een adviesgesprek. Maar ook boeken, krantenartikelen, – die ik fotografeer en digitaal opsla -, en websites met boeiende informatie. Wie een goede trukendoos heeft beschikt over een bron van veel fijne ideeën en heeft dus altijd iets om over te schrijven. “Ideen muss man haben”.

Een Goed Spel Maakt Veel Duidelijk

Hoe vertel ik het de mensen?” vroeg een penningmeester van een vereniging enige tijd geleden. “Wat wil je dan vertellen?” gaf ik als antwoord. “Dat onze clubkas een bodem heeft en dat niet iedereen zo maar alles kan declareren.” Hij keek me zorgelijk aan, “Iedereen doet maar!”. In zijn stem klonk onmacht en in mijn fantasie hoorde ik een droevige snik. “Ze begrijpen er geen bàl van!” En dat begreep ik heel goed want wie heeft er nou na de middelbare school nog een grootboek aangeraakt, een balans opgemaakt of een rekening van verlies en winst gepresenteerd? Daarnaast zijn cijfers abstracte begrippen waarover het altijd lastig praten is. Al zijn pogingen ten spijt had deze penningmeester geen kans gezien het uitgavenpatroon van zijn club goed te regelen. Mensen die geld mogen uitgeven, hoe weinig ook, hebben daardoor een machtspositie die ze niet graag uit handen geven. Zelfs niet als ze daarmee een organisatie in gestrekte galop naar de ondergang sturen. Alle privileges intrekken werkt niet, dat roept alleen maar weerstand op en gooit de hele interne structuur overhoop. Over geld praten werkt evenmin, daar is het onderwerp nou weer net te abstract voor. Budgetteren, een vast bedrag per jaar toekennen, was een oplossing maar hoe regel je dat? In dit soort situaties biedt een spel vaak uitkomst. Zo’n spel draait om het onderling verdelen van een onbekend bedrag waarbij alle deelnemers van te voren vertellen hoeveel geld ze nodig hebben en waarvoor ze dat gaan uitgeven. Is dit bedrag op voordat iedereen aan de beurt is geweest dan krijgen sommigen geen geld. Omdat dat niet kan wordt een nieuwe ronde gespeeld totdat al het geld verdeeld is. Door met speelgeld te werken ontstaat een realistisch spel. Het onderlinge overleg leidt tot wederzijds begrip en hopelijk ook tot begrotingsdiscipline. Ik ben erg benieuwd of dit spel ook bij deze vereniging werkt.

Tips Om Over Een Ingewikkeld Onderwerp Begrijpelijk Te Schrijven

Over een ingewikkeld onderwerp zo te schrijven dat het voor de lezer begrijpelijk is vraagt om kennis en techniek. Want wat is dat eigenlijk, iets ‘begrijpen‘? Zinnen als ‘Dat begrijp je toch wel?’ of ‘Heb je het nou nog niet begrepen?’ worden dagelijks gebruikt. Wie iets niet begrijpt wordt vaak weggezet als ‘dom‘. Volkomen onterecht overigens. Dat we iets niet begrijpen is de regel. Begrijpen we iets wel dan is dat de uitzondering. Kennis zo overdragen dat een ander het kan begrijpen is de kunst.

Iets begrijpen betekent dat we het kunnen volgen met ons verstand. Hiervoor is denkkracht nodig en een zekere inspanning. Hoe groter die inspanning, hoe kleiner de kans dat iemand moeite wil doen. ‘Dat is zo moeilijk, dat snap ik toch niet’ was ooit een veelgehoorde uitspraak van leerlingen, nog voordat ik een woord had besteed aan uitleg. Ze deden het liefst helemaal geen moeite. Met een stapsgewijze uitleg en goede metaforen kwam ik dan vaak nog een heel eind. Het ontwerpen van een heldere uitleg, gericht op de doelgroep, is nog steeds een belangrijk deel van mijn werk. Met als resultaat teksten die zorgen voor minimale lees inspanning en maximale kennisoverdracht.

Begrijpelijke teksten bestaan doorgaans uit eenvoudige taal. Maar dan weer niet van het genre ‘Jip-en-Janneke’; gewone, heldere taal. De logische opbouw ontstaat door iedere volgende zin te laten aansluiten op de vorige. Zo wordt de tekst een soort routekaart die, via A en B, als vanzelf uitkomt bij C. Door maximaal één nieuw onderwerp per zin te introduceren ontstaat rustige en gemakkelijk te lezen tekst. Dat geldt ook voor lange zinnen van twintig woorden of meer. Problemen ontstaan als twee van deze zinnen direct achter elkaar staan. Om ergens over te kunnen schrijven is voldoende kennis van het onderwerp noodzakelijk. Ervaren tekstschrijvers zijn er in getraind om een nieuw onderwerp snel te begrijpen. Zo bezien is een tekstschrijver eigenlijk een eeuwige student.

Een Mooie Hond Is Een Perfect Verhaal

Over ‘hoe te schrijven’ zijn heel wat boeken geschreven. Zo zijn er boeken over essays, korte verhalen, gedichten, interviews, reisverslagen, toneelstukken en liedteksten. Met uitgebreide tekst en uitleg, voorbeelden en oefenmateriaal. Voor mij is het schrijven van verhalen een noodzakelijke vaardigheid. Zonder goed verhaal werkt marketing niet. Maar hoe ziet een geslaagd verhaal er nou eigenlijk uit?

Tijdens het bakken van een ei bedacht ik dat een goed verhaal veel lijkt op een mooie hond. Zo valt bij beide de kop het eerst op. De hond met zijn snuffende neus en trouwe ogen vraagt constant naar een vervolg, ‘Wat gaan we doen?’ is de onuitgesproken vraag. ‘Krijg ik een koekje?’, ‘Gaan we wandelen?’ of ‘Aai me eens!’. De blik van een hond vraagt gewoon om actie, om een vervolg. Zo hoort de kop van een verhaal ook te zijn, een aanloopje naar iets wat staat te gebeuren. Een aanzet tot avontuur.

Na de kop volgt het lijf met vier poten. Een ‘goed lopend verhaal’ verleidt leidt de lezer om verder en verder te lezen. Behalve het lekkere ‘lopen’ moet de ‘body’ van het verhaal ook de juiste lengte hebben. Een te kort verhaal lijkt op een mopshond, een langdradig verhaal heeft meer weg van een teckel. Een hond waarbij alle verhoudingen kloppen is het mooist. Een verhaal ook. Om het verhaal de juiste maat te geven is het handig om vooraf de lengte te bepalen. Deze columns worden geschreven met zo’n driehonderd woorden, een standaard maat voor web teksten. Wie een pitch nodig heeft moet met honderd woorden uitkomen. Romanschrijvers denken in pagina’s.

Aan het einde van een verhaal, in de staart, zit de plot. Zo’n plot kan een conclusie zijn, een vreemde wending of een bruggetje naar het volgende verhaal. Die er dan, hopelijk, ook weer uitziet als een mooie hond.

Vijftig Dingen Die Je Kunt Doen Met Een Appel

Nee, ik ga hier echt niet alle vijftig antwoorden geven. Daar gaat het hier ook niet om. Het is een oefening in creativiteit. Met een appel kun je veel meer doen dan hem alleen opeten. Op menig studiemiddag heb ik de appel-vraag voorbij zien komen; “Wat kun je allemaal doen met een appel?”. De antwoorden verzinnen in een groepje bevordert saamhorigheid, individueel is het een soort wedstrijd en plenair bevordert het de onderlinge samenwerking. Waar een simpele appel al niet goed voor is.

Wat geldt voor een appel gaat ook op voor ieder ander onderwerp. Door daarvan de onbekende kanten op te zoeken ontstaat een waaier aan associaties. Het is een techniek waar ik, als schrijver, niet zonder kan. Ook voor een verkoopgesprek, een pitch of een sollicitatiegesprek is deze methode nuttig. Een goede inval kan net het verschil maken met de concurrenten. Stel je voor dat iemand tijdens een sollicitatiegesprek aan je vraagt of je goed kunt samenwerken. Alleen ‘ja’ zeggen overtuigt niet. Door te vertellen hoe je hoe je, afgelopen vakantie, samen met je broertje de familietent hebt opgezet is veel overtuigender. In schrijversjargon heet dit ‘show, don’t tell’. Geef een voorbeeld, vertel een verhaal. Dat hoeft helemaal geen lang verhaal te zijn. Ook een korte anekdote is goed, die heeft gegarandeerd veel meer zeggingskracht dan de kale feiten van een cijferlijst.

De ‘appel-methode’ die ikzelf gebruik noem ik het ‘spinnenweb’. Midden op een groot vel papier schrijf ik mijn ‘appel’ en daaromheen alle woorden die ik binnen een half uur kan verzinnen. Woordenboeken zijn hierbij goede hulpmiddelen, je hoeft niet alles alleen en uit je hoofd te doen. Als de tijd om is omcirkel ik de woorden die me aanstaan. Die schrijf ik vervolgens op kleine kaartjes. Door deze kaartjes, al puzzelend, in een logische volgorde te leggen ontstaat de lijn van mijn verhaal. Een goed verhaal is een mooi gereedschap.

Liedteksten voor muziektheater

Liedteksten voor het muziektheater ‘Dromen van Vrijheid’

Vrij wil ik zijn

vrij wil ik zijn, vrij wil ik zijn

vrij zijn van dwang, van de wet en van regels

niet langer de slaaf zijn van koopjes en zegels

ik wil vrij van de boeien van geld en gezin

ik maal om die status, ’t is kattengespin

mijn vrijheid die vul ik met passie en kracht

gericht op de toekomst die ginds op mij wacht

vrij zal ik zijn als de lucht, als het water

en wat er van komt dat zie ik wel… làter

 

Voor wie vrij wil zijn

wie vrij wil zijn

moet van zijn sokkel

geen status meer

geen macht

die hem nog tegenhoudt

 

wie vrij wil zijn

krijgt vleugels die

hem dragen

in de blauwe lucht

kun je niet hordelopen

 

wie vrij wil zijn

kijkt naar omlaag en

ziet hoe de mensen,

drukte maken

op een vierkante centimeter

 

Wij vliegen omhoog

wij vliegen omhoog

we gaan er vandoor

een standbeeld te zijn

op een sokkel van steen

we zijn het spuugzat

kom, stijg op, we gaan heen

 

(refrein)

wie vrij wil zijn moet vliegen

 

in de lucht ben je vrij

en je kijkt naar benee

naar de standbeelden, lopend

in een park, op een veld

gekluisterd aan werk,

hun gelijk en hun geld

 

(refrein)

wie vrij wil zijn moet vliegen

 

kijk, daar fietst een bakker

daar sjokt een scholier

een moeder met kind, een agent

ze spelen hun rol

op de sokkel van plicht

en wij vliegen vrij voor de lol

 

(refrein)

wie vrij wil zijn moet vliegen

 

we vliegen steeds hoger

gaan verder van huis

ver weg van de sokkels van steen

niet langer een pronkstuk

niet langer een sukkel

de vrijheid die roept, we gaan heen

 

(refrein)

wie vrij wil zijn moet vliegen, wie vrij wil zijn moet vliegen, wie vrij wil zijn moet vliegen, wie vrij wil zijn moet vliegen

vrij, vrij, vrij

 

Deze liedteksten heb ik geschreven voor het muziektheater ‘Dromen van vrijheid‘ waarvan de muziek werd gecomponeerd door Jan Bijkerk en die werd uitgevoerd door Diet Gerritsen (zang), Kees van der Harst (klarinet) en Jan Bijkerk (slagwerk).

 

Waarom Eén Idee Genoeg Is Voor Een Goed Verhaal

Het grootste probleem bij het schrijven van een goed verhaal is de beperking. Er is ook altijd zo veel te vertellen. Mensen van het type ‘oom Jan’ zijn daar ware meesters in. ‘Oom Jan’ klampt op verjaardagen de dichtstbijzijnde aanwezige aan om te vertellen over zijn werk als snoepsorteerder. En wat daar allemaal wel niet bij kwam kijken. En hoe geweldig hij alle problemen van die baan onvervaard te lijf ging. Uren kan hij er over vertellen.

‘Oom Jan’ is helaas geen uitzondering. Persberichten, blogs, nieuwsbrieven en veel web content worden door deze denkbeeldige oom geschreven. Wat leidt tot teksten die niemand leest en verhalen waarin niemand geïnteresseerd is. Verhalen die veel te lang zijn om te boeien, te onsamenhangend om begrepen te worden en te weinig gericht zijn op de luisteraar. Wie in de klauwen van ‘oom Jan’ valt wil nog maar één ding; de kortste weg naar de uitgang.

Voor een goed verhaal is een idee genoeg. Maar dan wel een idee waar we iets vanaf weten. En waar we dus iets boeiends over kunnen vertellen. Zo is een kort verhaal over een kogellager beter dan een lang verhaal over een hele fiets. Nu is het onmogelijk om alles te weten. Dus gaan we op zoek naar informatie. We ontdekken dat een kogellager de wrijving bij een draaibeweging vermindert. Met als resultaat dat een fietswiel soepel draait. Fietsen kost weinig inspanning door de kogellagers in de assen van de wielen. Een fiets met betere kogellagers fietst dus fijner. En zo’n fiets wil een klant hebben.

Ieder verhaal begint bij een idee. Daarna volgt het verhaal als vanzelf. Het krijgt een begin, een middenstuk en een einde. Kogellagers? Wauw.

En ‘oom Jan’? Die kun je beter nooit om een verhaal vragen, daar komt geen eind aan.