Soms Is Een Slapeloze Nacht Een Fijn Bezit

“De zeven eigenschappen” van Stephen Covey staat hoog in mijn top tien van favoriete boeken. Zonder een aanhanger te zijn grijp ik toch regelmatig naar dit boek. Zoals nu. De reden; een gesprek vanmiddag over een volledig nieuw project. Iets nieuws beginnen is een creatieve activiteit, er is sprake van een grote mate van onvoorspelbaarheid, van opnieuw beginnen en van doorlopend zoeken naar andere oplossingen. Het is een proces van fouten maken maar ook van genieten van succes. Geen spelletje voor mensen die zich niet senang voelen zonder duidelijke structuur en zekerheden. Dit openstellen voor nieuwe mogelijkheden noemt Covey in zijn boek ‘synergetische communicatie’, een proces waar zowel je rationele hoofd als je emotionele hart bij betrokken zijn. Een zaak dus van verstand en gevoel. Enige avontuurlijkheid is gewenst, openheid is noodzakelijk evenals het geloof in eigen kunnen. Fouten maken mag, faalangst hebben niet. Het nieuwe project wordt gedragen door drie mensen. Heel verschillende mensen, zowel qua leftijd als achtergrond en vakmanschap. Maar alle drie bevlogen en met een missie. Het zijn noodzakelijke ingrediënten om tot synergie te komen. Synergie betekent dat de som van de delen, in dit geval de samenwerking van drie professionals, meer is dan de individuele kwaliteiten. In gemakkelijk Nederlands, ‘Eendracht maakt macht’. Om eendracht te scheppen is onderling vertrouwen nodig, evenals gelijkwaardigheid en geloof in eigen kunnen. Een succesrecept dat je niet op internet kunt bestellen maar dat door goede communicatie in een veilige omgeving spontaan kan ontstaan. Om daar deel van uit te maken geeft mij een fijn gevoel en een heleboel energie. Misschien zelfs wel een slapeloze nacht.

Kleine Details Bezitten Grote Toverkracht

Alle problemen die om een oplossing vragen hebben meerdere kanten. Nou bedoel ik geen problemen zoals dorst die je kunt oplossen met een glas water. Dat probleem is simpel tenzij je midden in de woestijn bent. Dan is het plotseling een zaak van overleven. De meeste problemen bevinden zich ergens tussen het glas water uit de kraan en omkomen door watergebrek. Ze zijn niet vaak levensbedreigend maar vragen wel om een oplossing. Elk probleem begint met een formulering van dat probleem. “Ik heb een communicatieplan nodig” is zo’n formulering die meestal achteloos wordt uitgesproken of opgeschreven. Vaak gevolgd door een hoopvolle blik richting de woordentovenaar die, omgeven door flonkerende sterren, de oplossing eenvoudig uit de hoge hoed tovert. Vervolgens wat zwaait met het toverstokje en ziedaar, het probleem is instant opgelost. Hoe mooi zou het zijn als we op deze manier alle problemen konden oplossen. Helaas is de werkelijk weerbarstiger. Het oplossen van een probleem is doorgaans een stevige klus, geen wit konijntje. De echte zoektocht begint bij de vraag waarom zo’n plan nodig is. “Wat”, zo luidt de eerste vraag dan ook, “is eigenlijk het probleem?” Met wie moet er beter gecommuniceerd worden? En waarom? Of is het eigenlijk een ‘me-too’ vraag? Om niet onder te doen voor de concurrent of om mee te pronken op de sportclub. Legitiem maar zo’n oplossing vraagt dan om veel bling-bling. Om de medewerkers te motiveren is het kweken van een saamhorigheidsgevoel de echte vraag. Het vergroten van de omzet vraagt daarentegen weer om een marketing benadering. Het zijn allemaal details maar beslist geen bijzaken. In dit soort details zit de kracht van functionele communicatie.

Kleine Handleiding Voor Nodeloze Vaagheid

De onnodige onleesbaarheid van ambtelijke brieven is het gevolg van een streven naar uiterste perfectie. Niets mag aan het toeval worden overgelaten, alles moet juridisch juist beschreven worden waardoor er geen mens iets van begrijpt, behalve de opsteller. Het is een methode die op veel meer plaatsen te vinden is en die ik ‘Nodeloze Vaagheid’ noem. Het zijn zinnen die uitblinken in nietszeggendheid. Zo zijn er die beginnen met: “In zijn algemeenheid…”. In het Twents dialect te vertalen met “mangs wa, aajt nig”, soms wel maar niet altijd. Zonder verdere uitleg is dit een echte dooddoener. Een ander vaag woord is ‘vooralsnog’, wat gewoon ‘voorlopig’ betekent. Doet het altijd goed doet in vergaderingen. Lekker nietszeggend en uitstekend te gebruiken om een lastige vraag op de lange baan te schuiven. Samen met het werkwoord ‘zullen’ laten zich prachtige, nietszeggende zinnen construeren, zoals: “Vooralsnog zouden we vanuit kunnen gaan dat…”, waarna alle toehoorders onmiddellijk het spoor bijster zijn. Met als alternatief een eenvoudig “Ik weet niet of…” wordt in elk geval de positie van de spreker duidelijk.

Het gebruik van nodeloos vage woorden heeft iets weg van het plantje Zevenblad, wie dat eenmaal in de tuin heeft komt er nooit meer vanaf. Maar zoals de blaadjes prima in een salade passen hebben vage termen soms ook een nuttige functie. Dat kan als de totale zin duidelijkheid schept. Nemen we als voorbeeld een woningzoekende die schrok van de zin: “Vooralsnog maakt u geen kans op een huis…,” maar weer hoop kreeg toen hij het tweede deel hoorde, “…maar we maken een nieuwe afspraak over drie maanden.” Hier is het gebruik van ‘vooralsnog’ zinvol. En daar draait het altijd om bij teksten, de lezer of luisteraar moet er iets aan hebben.

Wanneer Schrijft De Robot Jouw Webcontent?

Op 16 januari schreef Jeroen Mirck een blog op Emerce met als titel “Robotjournalistiek: opmaat naar algorithm economy”. Zijn artikel, dat eerder verscheen in het Emerce Magazine van december, schetst het beeld dat we over enkele jaren geen journalisten meer nodig hebben om artikelen te schrijven; een paar steekwoorden zijn voldoende en de robot maakt er een schitterend stuk van. Na het verdwijnen van handwerkslieden zoals een klompenmaker, een glasblazers en de bakker op de hoek zullen we ons over enkele decennia ook gaan verbazen over het feit dat er ooit mensen waren die leefden van het schrijven van teksten. Het enige dat dan nog rest is het bedenken van de onderwerpen. En dat lijkt me nou juist een typisch menselijke eigenschap, het verzinnen van ideeën en daar op een creatieve manier iets van maken. Computers zijn er goed in om razendsnel relevante informatie te verzamelen, een zoekopdracht naar het woord ‘tekst’ leverde in 0,46 seconden 152 miljoen treffers op. Maar dan wel treffers die eerst allemaal door mensen op het internet zijn gezet. Wel knap maar absoluut niet creatief. Onze robot journalist moet vooraf ‘gevoed’ worden met onderwerpen, woorden en een programma, het algoritme. Het resultaat is een zelflerende schrijfrobot die misschien wel een leuk stukje kan schrijven maar nog steeds niks zelf kan bedenken. Desondanks wordt jaarlijks miljoenen in onderzoek en ontwikkeling gepompt. Tegenover zoveel geld steekt mijn bescheiden uurtarief maar schril af. Gelukkig staat daar iets tegenover dat ik heb dat geen enkele robot ooit zal kennen; ik heb elke dag plezier in mijn vak en ik geniet er van als ik zie dat steeds meer lezers mijn columns weten te vinden. Dat noem ik rijkdom.

Waarom Vragen Stellen Loont

Sommige mensen hebben overal een antwoord op. Zelfs als er geen vraag is gesteld weten ze toch hoe het zit en wat er moet gebeuren. Meestal zonder zelf een vinger uit te steken. Managers, die leiding geven aan een groep mensen, maar zelf geen idee hebben waar het naar toe moet, komen vaak voor in deze groep. Ze vormen dan een storende factor die werkt als een prop in de waterleiding. Hoe ver je de kraan ook opendraait, water komt er niet uit. In dit soort situaties is communicatie onmogelijk, er treedt een stagnatie op die meestal pas wordt opgelost door een crisis.

Doet deze stagnatie zich voor in een communicatieproject dan is dat een heel vervelend probleem. Zo’n project kost veel geld maar je schiet er geen steek mee op. Heel soms beland ik zelf in zo’n situatie. Voor mij altijd een reden om snel de uitgang op te zoeken. In mijn missie staat dat ik me uitsluitend inzet voor mensen die het belang van communicatie inzien. En dat is niet omdat ik al die andere mensen niet aardig vindt maar omdat communicatie alleen werkt als iedereen er inhoudelijk bij betrokken is. Moderne ondernemers snappen dit. Zij hebben hun bedrijf opgesplitst in kleine, zelfstandige units waarvan de leden evenveel stemrecht hebben. Samen bepalen ze hoeveel iedereen verdient en wie ze als baas willen hebben. Mocht die baas het niet goed doen dan kunnen ze hem (of haar) na drie maanden weer net zo gemakkelijk afzetten. Een soort van flexwerk plek voor leidinggevenden. De kleinschaligheid zorgt voor directe communicatie, door de resultaatgerichtheid staan alle neuzen dezelfde kant op en het noodzakelijke, wederzijdse vertrouwen zorgt voor een goede sfeer. Het is een sfeer waarin pas een antwoord wordt gegeven als er een vraag is gesteld. En dat loont.

Succesvolle Communicatie Is Een Kwestie Van Wederzijds Vertrouwen

Over marketing en communicatie zijn heel wat boeken en artikelen geschreven. Technisch is er de laatste jaren veel veranderd maar in de kern niet, beide zijn ze voor hun succes nog steeds afhankelijk van wederzijds vertrouwen. Net als ‘begrijpen’ is ‘vertrouwen’ een lastig begrip. De mooiste definitie die ik ooit hoorde is: “Vertrouwen is de ander ruimte geven om iets op de eigen manier te doen”. Waardevol is dus het bieden van ruimte aan de eigenheid van de ander. Wantrouwen daarentegen heeft als uitgangspunt dat de ander het zonder twijfel fout zal doen; het bijbehorende gedrag is een nagenoeg absolute controle.

Goede communicatie begint dan ook altijd met het tonen van interesse in de ander. Er zelf blijk van geven dat je geïnteresseerd bent is het begin van iedere relatie. Ook van een zakelijke relatie. Een prachtig voorbeeld over hoe het wel en niet moet vond ik in een blog op ‘Social Media Today’. Daar worden twee scenario’s geschetst die zich afspelen in een café. In het eerste scenario komt een jonge man de bar binnen, ziet een leuke jonge vrouw, zegt ’hallo’ en nodigt haar onomwonden uit om met hem mee te gaan. Die vraag valt niet in goede aarde, de vrouw smijt woedend haar zelf betaalde drankje in zijn gezicht. En dat was het dan. Het tweede scenario begint op dezelfde manier maar nu knoopt de man een praatje aan, geeft haar complimenten over haar kleding en biedt een drankje aan. Aan het eind van het gesprek stelt hij haar voor om de week erop nog eens samen in de bar iets te drinken. Ze stemt toe en hij bestelt haar taxi. Vele dates volgden, ze trouwden, kregen tien kinderen en als ze niet overleden zijn leven ze nog steeds in hun knusse huisje in de bergen.

Zo werkt communicatie dus. Snel willen scoren is de zekerste weg naar falen. Gestaag werken aan goede contacten, -en dat kan heel goed digitaal- , is de zekerste weg naar succes. Gewoon een kwestie van vertrouwen.

Tips Om Over Een Ingewikkeld Onderwerp Begrijpelijk Te Schrijven

Over een ingewikkeld onderwerp zo te schrijven dat het voor de lezer begrijpelijk is vraagt om kennis en techniek. Want wat is dat eigenlijk, iets ‘begrijpen‘? Zinnen als ‘Dat begrijp je toch wel?’ of ‘Heb je het nou nog niet begrepen?’ worden dagelijks gebruikt. Wie iets niet begrijpt wordt vaak weggezet als ‘dom‘. Volkomen onterecht overigens. Dat we iets niet begrijpen is de regel. Begrijpen we iets wel dan is dat de uitzondering. Kennis zo overdragen dat een ander het kan begrijpen is de kunst.

Iets begrijpen betekent dat we het kunnen volgen met ons verstand. Hiervoor is denkkracht nodig en een zekere inspanning. Hoe groter die inspanning, hoe kleiner de kans dat iemand moeite wil doen. ‘Dat is zo moeilijk, dat snap ik toch niet’ was ooit een veelgehoorde uitspraak van leerlingen, nog voordat ik een woord had besteed aan uitleg. Ze deden het liefst helemaal geen moeite. Met een stapsgewijze uitleg en goede metaforen kwam ik dan vaak nog een heel eind. Het ontwerpen van een heldere uitleg, gericht op de doelgroep, is nog steeds een belangrijk deel van mijn werk. Met als resultaat teksten die zorgen voor minimale lees inspanning en maximale kennisoverdracht.

Begrijpelijke teksten bestaan doorgaans uit eenvoudige taal. Maar dan weer niet van het genre ‘Jip-en-Janneke’; gewone, heldere taal. De logische opbouw ontstaat door iedere volgende zin te laten aansluiten op de vorige. Zo wordt de tekst een soort routekaart die, via A en B, als vanzelf uitkomt bij C. Door maximaal één nieuw onderwerp per zin te introduceren ontstaat rustige en gemakkelijk te lezen tekst. Dat geldt ook voor lange zinnen van twintig woorden of meer. Problemen ontstaan als twee van deze zinnen direct achter elkaar staan. Om ergens over te kunnen schrijven is voldoende kennis van het onderwerp noodzakelijk. Ervaren tekstschrijvers zijn er in getraind om een nieuw onderwerp snel te begrijpen. Zo bezien is een tekstschrijver eigenlijk een eeuwige student.

Waarom Klanten Alles Willen Weten Voordat Ze Iets Kopen

Om klanten optimaal te adviseren is het up-to-date houden van mijn kennis noodzakelijk. In marketing en communicatie gaan de ontwikkelingen snel. Het standaardrecept ‘krantenadvertentie-en-folder’ bestaat al lang niet meer. Smartphones, sociale media en blogs zijn de nieuwe communicatiekanalen. Ze hebben als groot voordeel dat we kunnen bijhouden hoe bezoekers er gebruik van maken. Een campagne kan zo tijdig bijgestuurd worden om maximaal rendement te halen uit iedere geïnvesteerde euro. Veel nieuwe kennis vind ik op de websites van internationale onderzoeksbureaus. Zo las ik recent op Emerce een blog van Yoshi Tuk met als titel ‘Gebrek aan productinformatie doet winkelier das om’. De kern van dit artikel, gebaseerd op een onderzoek van Forrester, is dat ‘rijke productinformatie’, consequent toegepast in alle communicatiekanalen, vertrouwen schept. De consument vertaalt dit als ‘betrouwbaar’, in hun ogen is de leverancier die de meeste informatie verstrekt beter dan de concurrent. Als ondernemer is het dus van belang om goede, complete informatie te verstrekken op alle communicatie kanalen.

Een andere conclusie uit dit onderzoek is dat consumenten niet alleen meer lezen op internet maar dat ook kritischer doen. Ze willen alles weten en optimaal geïnformeerd worden. Het plaatsen van uitgebreide productinformatie op de website is dus een renderende investering. Mits dit goed wordt gecommuniceerd. De valkuil zit in de term ‘rijke productinformatie’. Een term die zich al snel laat vertalen met het woord ‘veel’. Helaas, veel=fout. Een fout die onervaren communicatieadviseurs soms maken. Wat ze vergeten is dat een consument echt geen zin heeft om zich door pagina’s lange productinformatie heen te worstelen. Het professionele kunstje is dan ook veel te zeggen met een minimum aan woorden. En als het geheel dan ook nog eens smakelijk wordt opgediend is het doel bereikt; een nieuwe, kopende klant.

 Deze column werd eerder gepubliceerd op de website van ‘deOndernemer

Waarom Goede Communicatie Niet Duur Hoeft Te Zijn

Wie, net als ik, regelmatig in de keuken te vinden is om iets lekkers te bakken weet dat een recept een serieuze formule is. Het eindresultaat is het gevolg van nauwe samenwerking tussen de ingrediënten, de hitte van de oven en de baktijd. Een klein foutje onderweg en het baksel kan linea recta de afval ton in. Nu is bakken geen dure hobby dus als er wat mislukt is er echt geen man overboord.

In een gesprek dat ik vanmiddag had, heb ik het bakken van een cake vergeleken met het maken van een communicatieplan. Dit als antwoord op de vraag of ik ‘even’ een communicatieplan kon maken. Liefst gratis. Helaas gaan er een heleboel cakes in zo’n plan. En als daar geen budget voor is houdt het op. Om mijn gesprekspartner niet met lege handen naar huis te sturen hebben we een uurtje besteed aan het zoeken naar een oplossing. Het werd een low-cost oplossing die ik graag met jullie deel.

Allereerst hebben we gezocht naar het belangrijkste probleem; wat moet er op korte termijn gebeuren? Dat bleek het benaderen van de doelgroepen te zijn. Klanten worden vaak alleen gezien als melkkoe. In dit geval was het predicaat ‘partner’ meer van toepassing. Vanuit deze nieuwe klantbenadering is het bruggetje van een bestaande klant naar een nieuwe klant snel gemaakt, een kortingsactie. Als communicatiekanalen zijn een nieuwe flyer, de website en de nieuwsbrief voldoende. Trouwe ‘partners’ worden beloond met een premium actie en een klanten dag. Met elkaar een mooi, eenvoudig en voordelig recept. In de toekomst wordt jaarlijks een vast percentage van de omzet gereserveerd voor communicatie. Slim. Voorlopig kan deze organisatie verder. Een communicatieplan hoeft echt niet altijd duur te zijn.

Beeldspraak Werkt Alleen Als De Beelden Kloppen

Als consument raak je door de bomen het bos kwijt omdat er regelmatig nieuwe producten de markt bestormen.” Ik las deze zin in een nieuwsbrief van een patiëntenvereniging. Drie metaforen in een zin van achttien woorden. Beetje veel van het goede. Typisch zo’n zin van iemand die ergens de klok heeft horen luiden maar niet weet waar de klepel hangt. Natuurlijk is er met zo’n zin nog geen man overboord. De complete tekst was louter informatief en bestemd voor een beperkte doelgroep. Mensen die ‘van de hoed en de rand’ weten. Maar wat als niet ingewijde buitenstaanders deze tekst onder ogen krijgen? Grote kans dat ze hun neus optrekken voor dit proza en overgaan tot de orde van de dag. Of boos in de pen klimmen en de auteur in scherpe bewoordingen deelgenoot maken van hun misnoegen. Het is ‘Door de bomen het bos niet meer zien’ zullen ze schrijven. En ‘een bos kwijt raken’? ‘De weg kwijtraken’ kan maar een heel bos? Ik zou zelf behoorlijk op mijn neus kijken als het bos waarin ik dagelijks wandel opeens verdwenen is. Ruim tachtig hectare schitterende natuur ineens foetsie. Ik moet er niet aan denken.

Schrijven in beeldspraak betekent dat woorden een andere betekenis krijgen dan de gebruikelijke. Zo zou de auteur van bovenstaande zin ‘rood van schaamte’ kunnen worden omdat de tekst niet goed is nagelezen. Of zich ‘een ezel’ voelen door ‘producten de markt te laten bestormen‘. Koopjesjagers bestormen soms winkels tijdens buitengewone aanbiedingen maar die aanbiedingen zelf hangen gewoon rustig aan het rek. Ook als ze nieuw zijn.

Beeldspraak is een mooie stijlfiguur maar dan wel als die zorgvuldig gebruikt wordt. Foute beeldspraak wekt de lachlust op en wordt niet serieus genomen. Ook een overdaad aan beeldspraak, zoals in deze column, is niet echt bevorderlijk voor de leesbaarheid. Spaarzaam mee omgaan dus.

Hoeveel Tijd Heb Jij Om Ongestoord Teksten Te Schrijven?

Twee weken er even helemaal uit zijn is welbestede tijd. Beetje shoppen op een grote kerstmarkt in het Ruhrgebied, een goed gesprek voeren over wat ‘begrijpen’ eigenlijk betekent en wandelingen maken in de natuur. Alle tijd hebben is een luxe die zich dubbel en dwars terugbetaalt. Zo dacht ik, al wandelend, na over de vraag hoe een ondernemer, die 60 uur per week werkt, tijd kan vinden om teksten te schrijven. Niet dus. Stel nu, zo dacht ik verder, dat ik als ondernemer één uur per week zou reserveren voor communicatie. Een uur ver weg van klanten, telefoon en internet. Zou dat voldoende kunnen zijn? En hoe zou ik dat aanpakken?

Het eerste uur zou ik besteden aan de toekomst. Waar wil ik over drie maanden, over een jaar en over drie jaar zijn met mijn onderneming? Wil ik naar een werkweek van 30 uur? Naar meer klanten of juist naar minder? Uit alle onderwerpen zou ik er vervolgens één kiezen.

Het tweede uur ga ik op zoek naar de gereedschappen. Wat heb ik nodig? Wat moet ik kwijt? Storende zaken wegdoen is soms zinvoller dan nieuwe toevoegen. Een paar eenvoudige gereedschappen moet voldoende zijn.

Het stappenplan wordt mijn onderwerp voor het derde uur. Wat moet het eerst gebeuren, wat daarna en wat als laatste? Zo’n stappenplan moet dan niet in steen gebeiteld worden; de werkelijkheid heeft nogal eens de neiging weerbarstig te zijn. Ik zie het als een leidraad.

Wie gaat wat doen?’ is mijn vraag voor het vierde uur. Alles zelf willen doen maakt een werkweek niet kleiner, taken uitbesteden wel. Taken die dan wel helder en duidelijk gecommuniceerd moeten worden. Onduidelijkheid leidt tot chaos, die opruimen is weer veel werk. Veel meer dan vier weken lang een uurtje besteden aan communicatie.

Kort verhaal “Vuur”

Bijdrage aan schrijfwedstrijd WAK Enschede 2015

Verhaal 2: Hans Zwiers – Vuur

Op menig zolder staat een nooit uitgepakte verhuisdoos. In onze familie was dat een stevige houten kist met Middeleeuws beslag en een verdwenen sleutel. Generaties lang werd deze kist dapper verhuisd van zolder tot zolder. Omdat de bungalow waar we recent zijn gaan wonen geen zolder heeft werd het tijd om de kist uit te pakken. Naast wat familierelikwieën zoals een opgezette bunzing, wat gedroogde vleermuisvleugels, een hamer, wat lange stalen nagels en een muts die ooit rood geweest moet zijn was er het boek. Boordevol verhalen waarvan de oudste terugvoerden naar de duistere Middeleeuwen. Vooral mijn bet-bet-betovergrootvader Melchior bleek een goed verteller met een scherp oog voor de sociale misstanden van die tijd. Zijn verhalen hadden vandaag geschreven kunnen zijn

Neem nou de gebeurtenissen van 14 maart 1517. In die tijd was Lasunder den Olden burgemeester van Enschede. Een man met drie ogen, een voor drank, een voor vrouwen en een voor het geld van de inwoners. Zijn vrouw, Colette, die volgens de overlevering knap genoemd kan worden, was slank met heldere ogen in een ovaal gezicht dat schuil ging onder een knalrode, uitbundige haardos. Als dochter van een achterneef van de Bisschop van Munster was ze voorbestemd om te dienen als uithangbord van een politicus of zakenman. Helaas was ze niet alleen mooi maar had ze ook een goed verstand, een scherpe geest en een grote zucht naar avontuur.

Colette’s grootste passie was haar kleding, bij voorkeur uitbundig in felle kleuren en behangen met gouden gespen die, op hun beurt, weer uiteenspatten door het rijke gebruik van edelstenen. En laat nou net grootvader Melchior kleermaker zijn. Zijn grote schare klanten bevonden zich onder de beter bedeelden van Enschede en wijde omgeving.

Op zekere dag, het zal aan het einde van de winter geweest zijn, naderde Colette het atelier van grootvader Melchior dat vlak naast de Veldbrug lag, een van de twee bruggen over de Stadsgracht.

Het voorjaar komt er aan”, zei de roodharige, “en ik ben echt toe aan wat nieuws”. De begroeting in de gang zou menig voorbijganger een frons bezorgen maar Melchior had de dikke, eiken voordeur al degelijk gesloten.

Er zijn nieuwe stoffen die je nog mooier zullen maken dan je al bent”, zei hij terwijl ze door een zijdeur in de gang een kamer betraden die de meeste klanten nog nooit van binnen hadden gezien.

De kamer waarin Colette en Melchior verdwenen besloeg vrijwel de gehele diepte van het huis. Aan de straatkant waren geen ramen, achterin was een deur die leidde naar het pad langs de gracht, en langs de wanden lagen de stoffen op houten planken. Kleurig gerangschikt naar kleur, kwaliteit en prijs.

Om het de zeldzame bezoeksters gemakkelijk te maken werd een deel van de wand ingenomen door een ruime, comfortabele bank die geflankeerd werd door twee fraai gebeeldhouwde stoelen.

Kom, ga lekker zitten”, zei Melchior en wees daarbij op de bank. In een oogopslag vergewiste hij zich dat de toegangsdeur goed dicht was.

Het kantoor van burgemeester Lasunder lag aan de Oude Markt. Hij was de zoon van een rijke Rijssense boer die, ongeschikt voor boer of handwerksman, in de politiek was beland. Door goede relaties en slimme giften werd hij burgemeester van Enschede. Maar nu, terwijl zijn vrouw genoot van een bezoek aan haar kleermaker, was Lasunder boos, erg boos. “Waar voor den donder is Colette” bulderde hij tegen de twee klerken die zich in dezelfde ruimte ophielden. “Van deze brief begrijp ik geen bliksem. Hoe kan ze me hier nou mee alleen laten?“. Lasunder was geen lezer. De brief, afkomstig van de Bisschop van Utrecht, ging in niet mis te verstane woorden over geld voor versterkingen van de stad dat inmiddels was opgegaan aan wijn en feesten. Een korte maar hevige kuch van een klerk was de figuurlijke lont. Lasunder maaide, luid tierend, met zijn vetrijke armen over zijn bureau waarbij alle papieren als confetti door de ruimte dwarrelden en via de vlam van een van de twee kaarsen de gordijnen in de fik zetten.

Het nieuws dat brand in het kantoor van Lasunder druk bezig was om ook de rest van Enschede te veroveren bereikte al snel Melchior en Colette. Die samen via de achterdeur en de Veldbrug Enschede ontvluchtten. Ze zijn er nooit weer gezien. Wel hun nazaten want soms zie je, als je rustig vanaf een terrasje op de Oude Markt kijkt naar de voorbijgangers, een mooie vrouw, slank met heldere ogen in een ovaal gezicht dat schuil gaat onder een knalrode, uitbundige haardos.