De Kunst Van Het Echte Luisteren

Praten kunnen we vrijwel allemaal, maar kunnen we ook luisteren? Het is een vraag waar ik als communicatieadviseur vrijwel dagelijks mee wordt geconfronteerd. Een tekst bedenken waarin de informatie op een mooie manier wordt gepresenteerd is één ding, er voor zorgen dat de inhoud ook overkomt is een heel ander ding.

natuur, landgoed, bos, laan,bomen, zonlicht, bladeren, natuurgebied, buitenleven, schoonheid, zonlicht
Laan in landgoed Groot Brunink

Als in het voorjaar in het bos vlak bij ons huis de vogels luidkeels piepen, zingen, kwetteren en krassen communiceert de hele natuur. Bloemen in wit, geel en paars lokken insecten, bomen komen in fris groene kleuren tot leven en in de heldere beek zijn vissen naarstig op zoek naar een partner. Voor mij is de lente het mooiste jaargetijde. Kleuren, geuren, geluiden. Communicatiemiddelen die de natuur helpen zich weer te vernieuwen. Bruisend van leven, sprankelend, uitbundig. En dat helpt. Nesten vullen zich met eitjes en insecten vliegen zoemend rond de bloemen.

Aan de andere kant van onze wijk is het winkelcentrum. Vernieuwd, modern en uitnodigend. In het midden bevond zich een ronde bank die vaak wordt bevolkt door mannen als hun echtenoten zich laven aan de nieuwste collectie van een modezaak. Ook dat is voor mij een inspirerende plek. Om me heen wordt gepraat over voetbal, een mislukte medische ingreep, de overlast van de buren, hoe duur alles is geworden en de het gedrag van jongeren die de gladde vloer gebruiken als ideale ondergrond voor hun rollerskates. Saaie monologen waar, zo te zien, niemand echt naar luistert.

Het verschil met de geluiden in het lentebos is enorm. Onoverbrugbaar. In het bos wordt echt geluisterd. En daarom gebeurt daar zoveel. De gesprekken in het winkelcentrum hebben veel weg van tijdverdrijf, praten bij gebrek aan beter, het verdrijven van de stilte.

Een aantal weken geleden kwam een jonge collega vol enthousiasme terug van een stilteweek in een klooster. Moderne kantoren hebben ruimtes waar medewerkers in stilte kunnen ontspannen en treinen hebben stiltecoupés. Alleen als we stil zijn kunnen we luisteren, echt en met aandacht luisteren. Gelukkig komt de winter er aan, de ideale luistertijd.

Waarom Een Website Op Een Blik Soep Lijkt

Een blik soep bestaat uit drie onderdelen, de verpakking, het blik en de soep. Hoe smakelijker de verpakking en hoe eenvoudiger het blik geopend kan worden, hoe meer mensen smullen van de inhoud. Behalve als die inhoud niet te pruimen is. Dan kan de soepfabrikant wel inpakken. Hoe mooi en hoe makkelijk de buitenkant ook is, als de inhoud niet lekker is koopt niemand vaker dan één keer zo’n blik soep. Wat voor een blik soep geldt gaat ook op voor websites. Een mooie website met een eenvoudige navigatie maar met een oninteressante inhoud wordt zelden vaker dan een keer bezocht.

Wat zit er nou zoals in soep? Water, bouillon, kruiden, groente en vermicelli; ze horen er in de juiste hoeveelheden in te zitten. Teveel water of teveel zout maken er een laffe of een zoute substantie van. Terug naar de website. Gemakkelijk gevonden worden en er leuk uitzien is één, goede content hebben is twee. Daarover vooraf nadenken is geen kwestie van luxe, maar van noodzakelijke voorbereiding. Interessante tekst maar niet teveel. Foto’s die een verhaal vertellen en filmpjes die kort en boeiend zijn. Een goede, duidelijke tekst bij de producten of diensten. De content bepaalt de kwaliteit van iedere website. Beter een kleine eenvoudige website dan een statussymbool dat er uitziet als een veelkoppige draak. Zoals de soepproducent zijn klanten meeneemt op een smaakavontuur, zo moet een website de bezoekers aan de hand meenemen langs zoveel mogelijk avontuurlijke pagina’s. Zorg er dus voor dat er iets te beleven is. En dan geen filmpje van anderhalf uur over een bijzonder productieproces maar een van drie minuten over de voordelen die iemand als klant ten deel vallen. Een website die er uit ziet als een smakelijk bord soep wordt een bezoekerstrekker.

Fantasie Maakt Ons Denken Flexibel

Aan de rand van het bos waar we veel wandelen, staat een huis. Het is een mooi huis, gebouwd op een open plek, een beetje verscholen onder de bomen. Het heeft een rieten dak en op de bovenverdieping staat een raam een stukje open. We hebben het huis, een aantal jaren geleden, gebouwd zien worden. Toen het helemaal klaar was gebeurde er… niets. En nog steeds staat het huis leeg. Als we langs het huis lopen verzinnen we steeds een nieuwe reden waarom dat huis, daar aan de rand van het bos, leeg staat. Het is vreemd en juist dat dat prikkelt onze fantasie.

Van alles hebben we al verzonnen. Zoals de pied-à-terre voor de maîtresse van een miljonair die tijdens de bouw overleed. Of een plek waar drugs worden opgeslagen. Misschien is het huis wel gebouwd door een Rus die ons land niet meer in mag. Strijden twee, inmiddels gescheiden, echtlieden al die jaren over de vraag wie er mag wonen. Of is de aannemer failliet gegaan en lukte het de curator niet om dit huis te verkopen. Steeds proberen we iets nieuws te verzinnen. Niet dat onze verbeeldingskracht iets verandert aan de situatie. Het huis staat er nog steeds, eenzaam en leeg. Wel genieten we zelf van ons gefantaseer. Tot zover niks nieuws. Totdat ik een onderzoeksverslag las waaruit bleek dat fantaseren heel wat meer is dan een spelletje. Door onze fantasie de vrije loop te laten houden we onze geest gezond. De geest van mensen met veel fantasie is flexibeler.

Verbeeldingskracht schept nieuwe vormen van kijken en denken en verbetert het leervermogen. Het op verschillende manieren bekijken van een zelfde ding of situatie is niet alleen leuk om te doen maar ook erg nuttig voor ons brein. Gelukkig heb je voor fantasie geen leeg huis aan de rand van een bos nodig. Mensen, situaties, kunstwerken, vakantiefoto’s, een rij voor de kassa, de schoenverkoopster of een jarige neef zijn ook prima onderwerpen om je fantasie op los te laten. Fantasie verrijkt je leven.

Wat Marketeers Van Kunstenaars Kunnen Leren

In 1913, ruim honderd jaar geleden, stelde de Franse kunstenaar Marcel Duchamp op een tentoonstelling zijn kunstwerk ‘Bycicle Wheel’ ten toon. Het kunstwerk bestond uit de voorvork van een fiets met wiel, gemonteerd op een houten kruk. Hij was de eerste die kans zag om het gewone, – een fabrieksmatig gemaakt onderdeel van een fiets -, te verheffen tot kunst. Natuurlijk kwam er veel protest. Begrijpelijk. Maar de naam Marcel Duchamp leeft voort tot op de dag van vandaag. De namen van de overige kunstenaars zijn weggezakt in de vergetelheid van de tijd, verdwenen in de boeken van kunsthistorici. Terwijl ook zij probeerden bijzonder te zijn en ongetwijfeld fraaie werkstukken hebben gemaakt. Kunstwerken die pasten bij het begin van de 19e eeuw.

In onze huidige tijd worden we overladen met kunst; de ene smartphone is nog mooier, beter en duurder dan de andere. Maar ze passen allemaal in deze tijd en zijn dus eerder gewoon dan bijzonder. Wie iets bijzonders wil kan misschien beter op zoek gaan naar iets gewoons. Gewone dingen kijken we doorgaans over het hoofd. Zoals het fietswiel van Duchamp. Nu was een fiets in die tijd gewoon, maar ook relevant. Pas in 1903 zag Henry Ford kans om met zijn autofabriek winst te maken. Het communiceren van relevante informatie, iets waar mensen wat aan hebben, zou wel eens belangrijker kunnen zijn dan het presenteren van het bijzondere. Dat gewone vanuit een verrassende invalshoek benaderen zou de vervolgstap kunnen zijn. Uiteraard horen daar geen langdradige verhalen of krom taalgebruik bij. Wel korte, bondige teksten die waardevol zijn voor de lezers. Lijstjes met  opsommingen hebben maximaal zeven items. Liever nog drie, zoals bij Duchamp; fietswiel, vork en kruk. Goede kunst is verrassend, goede communicatie ook.

Wat Is De Prijs Van Een Idee?

De naar alle waarschijnlijkheid meest gebruikte zin in ons land is: “Wat kost het?”. Wie in een winkel een mooi kledingstuk ziet bestudeert eerst het prijskaartje alvorens te constateren dat het ‘veel te duur’ is. Prijs is niet alleen een marketinginstrument maar ook een belangrijk communicatiemiddel. Prijs is emotie. Afgelopen week heb ik ontzettend genoten van een kleding discounter die voor een paar tientjes een echte trouwjurk aanbood. Ze gingen als warme broodjes. Niks romantische bruiloft maar oer Hollandse koopmansgeest. Een echte trouwjurk bijna voor niks. Kranten en vakbladen vielen over elkaar heen en her en der waren stevige commentaren te lezen. Het was een goede marketingstunt. En die stunts worden bedacht. Door een slimme marketeer, een creatieve copywriter of de directeur van de bruidsjurkenfabriek. In reclame en marketing wordt veel bedacht om klanten te informeren en aan te zetten tot kopen. Dat bedenken van ideeën is niet alleen een vak, het bedenken zelf kost tijd. Soms zelfs veel tijd. Tijd is geld en dus is een goed idee meestal niet goedkoop. Net zoals een originele tekst die eerst geconstrueerd en vervolgens geschreven moet worden. Helaas zijn er geen discounters die ideeën voor een prik verkopen. Wat nu te doen als je als ondernemer een tekst of een idee nodig hebt? De eerste vraag is dan niet wat het gaat kosten maar wat het idee moet gaan opbrengen. Een goedkope trouwjurk kan na gebruik bij de afgedankte kleding, een goed idee moet jaren mee. En moet dus ook jaren bijdragen aan de winstgevendheid van de onderneming. Deze meeropbrengst laat zich eenvoudig berekenen. Neem hiervan een  percentage en investeer dat gedoseerd in tekst of communicatie. Dan is het niet langer de vraag wat een idee kost maar wordt de nieuwe vraag “Wat levert een goed idee op!”

Positief Gedrag Is Een Warme Knuffel

Communicatie en marketing zijn behoorlijk harde wetenschappen. Toch draait het uiteindelijk om emotie. Een voorbeeld hiervan is een hype. Zonder logische oorzaak gaan groepen mensen hetzelfde gedrag vertonen. Er ontstaan virale filmpjes op You Tube, mensen trekken opeens twee verschillende sokken aan of verbergen hun pet onder een capuchon. Op de aandelenmarkt ontstaat plotseling een verkoopgolf en huizen worden in korte tijd meer of minder waard. Allemaal gevolgen waarvan de oorzaak onbekend is. En alsof dat allemaal nog niet voldoende is laat menselijk gedrag zich maar moeilijk veranderen. Toch heeft reclame effect op de verkoop en bevordert communicatie het begrip tussen mensen. Van de vele factoren die hierbij een rol spelen belicht ik er drie.

  • vriendelijkheid

Zoals bot gedrag mensen afstoot zorgt vriendelijkheid voor toenadering. Een glimlach, een vraag of hulp gewenst is, een groet. Kleine dingen die belangrijk zijn tussen mensen. Zonder toenadering is communicatie moeizaam. Goede communicatie, vriendelijk gebracht, brengt mensen dichterbij.

  •  betrouwbaarheid

Zeggen wat je doet en doen wat je zegt is gemakkelijker gezegd dan gedaan. Voor betrouwbaarheid is het belangrijk om zowel jezelf als de ander serieus te nemen. Voor ondernemers geldt dat één fout tien klanten kost en tien goede acties één klant oplevert. Weten wat je zegt kun je voorbereiden, een tekst uit de ‘losse pols’ bergt veel gevaren in zich.

  •  enthousiasme

Het is gedrag dat vaak gekoppeld wordt aan mensen die gemakkelijk van hun woorden afkomen. Mooie verhalen werken altijd. Toch is voor enthousiasme niet altijd een goed verhaal nodig maar wel authenticiteit. Enthousiasme moet echt zijn. Hier speelt, veel meer dan bij vriendelijkheid of betrouwbaarheid, emotie een grote rol. Een oprechte stuntelaar is echter, en dus effectiever, dan een verkoper die braaf zijn tekstje opdreunt.

Drie factoren die helpen. Maar de belangrijkste factor zijn we zelf. Welke warme knuffel zouden we zelf willen hebben? Dat te weten is de gouden sleutel die binnen communicatie elke deur opent.

Ben Jij Ook Zo Lekker Positief?

Steeds vaker hoor ik mensen om me heen uitspraken doen zoals ‘moet kunnen’ of ‘komt goed’. Ze stralen een bijna grenzeloos optimisme uit maar zijn verder moeilijk in beweging te krijgen. Sommigen lijken afkomstig te zijn uit het hippietijdperk in de 60’er jaren van de vorige eeuw. In die tijd waren er mensen die de wereld wilden veranderen, de hippies. Dat wilden ze niet door eigen inspanning maar door zichzelf buiten de maatschappij te plaatsen. Zo ontstonden er communes, grotere familieverbanden die zelfverzorgend waren. Woorden als ‘burgerlijkheid’, ‘materialisme’ en ‘kapitalisme’ vertegenwoordigden de wereld waar ze zich tegen verzetten. Zijzelf leefden in ‘peace’ en ‘love’. Ver weg van de maatschappij die toen al behoorlijk ingewikkeld begon te worden. Aan het einde van de 70’er jaren verdween de hippiecultuur. Uiteindelijk moet een hippie ook eten en moest er brood op de plank komen. En de bakker betaald worden. Over die bakker en dat brood gaat communicatie. Het is een activiteit die meehelpt om betaald werk te krijgen of een onderneming op te zetten. Het sleutelwoord hierbij is ‘actie’. Een actueel woord. Sinds het begin van deze eeuw heeft ‘actie’ zelfs de psychologie bereikt. In 2000 hebben twee psychologen de basis gelegd voor de ‘positieve psychologie’. Een volkomen nieuw gebied. Niet de psychologische problemen maar de positieve oplossingen zijn het onderwerp van hun studie en publicaties. Positieve ervaringen, zo redeneren zij, dragen bij aan ons ‘psychisch welbevinden’. Niet alleen van mensen maar ook van instituties; bedrijven en instellingen. Door een positieve aanpak kunnen deze instituties in de toekomst het verschil gaan maken. En daar gaat het ook om bij communicatie. Positief zijn is ook hier geen manier van zijn, maar een manier van doen. Die column van morgen wordt dus lekker positief.

Wat We Van Een Potje Touwtrekken Kunnen Leren

In de afgelopen decennia zijn scholen, banken, bedrijven en woningbouwverenigingen steeds groter geworden. Veel van deze kolossale organisaties zijn inmiddels failliet of ontmanteld en opgedeeld in kleine stukken. Logisch, groot werkt namelijk niet. Natuurlijk geeft het status als je de baas bent van zo’n kolos maar uit het oogpunt van functionaliteit en communicatie zijn het wangedrochten. Dat klein beter werkt als groot weten we al heel lang. Al in de 19e eeuw bewees een Franse landbouwkundige, Max Ringelmann, dat de individuele productiviteit afneemt naarmate de groep groter wordt. Zijn experiment was simpel maar doeltreffend. Hij verbond een vijf meter lang touw aan een apparaat waarmee je krachten kunt meten, een ‘dynamometer’. De trekkracht van één student stelde hij op 100%. Vervolgens trokken twee studenten aan het touw. De trekkracht per student was nu nog maar 93%; bij acht personen was het al teruggelopen naar 50%. Dit ‘Ringelmann effect’ is in de 20e eeuw op veel andere manieren gemeten en bevestigd. Leden van een grote groep spannen zich individueel minder in dan leden van een kleine groep. Sommige moderne bedrijven hebben dit uitstekend begrepen. Ze hebben hun organisatie aan dit effect aangepast en opgedeeld in kleine, zelfstandige groepen. Hun productiviteit per werknemer is groter dan gemiddeld.

Het ‘Ringelmann effect’ geldt ook voor communicatie. Kleine groepen communiceren beter. Zo worden afspraken beter onthouden, wordt nieuwe informatie sneller verwerkt en is het onderlinge vertrouwen groter. Ook worden kansen beter benut doordat er minder sociale druk is. In de manier waarop we communiceren is het ‘hoe’ zeker zo belangrijk als het ‘wat’. En dat hebben we allemaal ontdekt dankzij het experiment van Ringelmann die studenten aan een touwtje liet trekken.

Is Jouw Werk Ook Een Privilege?

Studeren is een privilege” zei M., naast me in de auto. Een aantal keren per jaar schrijven we ons in voor een workshop, meestal op het gebied van filosofie of psychologie. De workshop waar we net vandaan kwamen had als titel “Levenskunst, zingeving of zelfzorg”. Van de dertig aanwezigen waren er drie man. Verder was iedereen wit, erudiet en voorzien van een positieve, oplossingsgerichte levenshouding. Een select gezelschap waaruit prachtige verhalen, goede voorbeelden en verrassende inzichten kwamen. Met als gemeenschappelijke kenmerken ‘interesse in de medemensen’ en ‘betrokkenheid’. Inzichten delen is dan echt een voorrecht. Dit soort bijeenkomsten zijn niet alleen inspirerend maar bieden ook veel stof voor een goed gesprek. En voor columns. Deze morgen was, voor mij, de wereld heel eventjes een ideale plek. Waar mensen met oprechte interesse naar elkaar luisteren, waar veel vragen worden gesteld en waar complimenten worden uitgedeeld. Tussen mensen die elkaar tot dat moment nog nooit eerder hebben gezien. Heel bijzonder. Helaas is het beeld van de dagelijkse werkelijkheid genuanceerder. Met als uitschieters mensen die zich uitsluitend richten op hun problemen en geen kans zien te kijken naar oplossingen.

Wat voor mensen geldt, gaat ook op voor organisaties. Ook daar zien we leiders die zich richten op problemen en anderen die gefocust zijn op oplossingen. Uit psychologisch onderzoek weten we dat mensen die zich richten op oplossingen een succesvoller, en vaker ook gelukkiger, leven leiden. Voor bedrijven zal dit ongetwijfeld ook gelden. Wie bij zo’n club werkt zal de uitspraak van M. beamen en zeggen: “Mijn werk hier is een privilege”.

Deze column verscheen eerder op de website van deOndernemer.

Vragen Stellen Is Geen Kunst Maar Een Vaardigheid

Vragen stellen is niet eenvoudig. Maar wel belangrijk. Er zijn veel redenen waarom mensen geen vragen stellen. Zo vertelde een lerares, die als vrijwilliger taalles gaf aan buitenlandse kinderen, dat haar Chinese leerlingen nooit een vraag zullen stellen omdat dat niet past in hun cultuur. Kom er dan maar eens achter wat ze niet begrepen hebben. Een andere reden is het verschil in karakter, de ene mens is van nature nieuwsgieriger dan de andere. Zo zal de ene mens, die een moeilijk woord tegenkomt, de betekenis opzoeken in een woordenboek. En zal een ander er gewoon overheen lezen. Soms wordt vragen stellen geassocieerd met ‘dom’. Wat onwaar is, wie veel vraagt komt veel te weten. Vragen stellen is dus een manier om slimmer te worden. In plaats van het woord ‘dom’ is ‘onzekerheid’ beter op z’n plaats. Ooit had ik zo’n onzekere baas die nooit iets vroeg maar altijd bleef steken in commentaren achteraf. Hij maakte het werk voor zichzelf, en voor ons, moeilijker dan nodig was. Het was niet bepaald een periode waaraan ik met blije herinneringen terugdenk.

Vragen en bevraagd worden zijn belangrijke communicatie processen. Daarom wat tips.

  • Leidt je vraag in
  • Geef de reden waarom je de vraag stelt
  • Kies het juiste moment
  • Formuleer iedere vraag helder en kort
  • Vraag nooit om meer informatie dan je nodig hebt
  • Check het antwoord door terugkoppeling
  • Bedank degene die je het antwoord gaf

Hoe opener je zelf bent, hoe veiliger je overkomt en hoe groter de kans dat je een vraag kunt stellen. En dus een antwoord krijgt. Als je vragen stellen moeilijk vindt, oefen dan op mensen die je graag iets vertellen over hun hobby, vakantie of werk. In ieder mens woont een verhalenverteller. Door te oefenen wordt je een goede vragensteller.

Zo Binnen Zo Buiten

Communicatie is de wetenschap van het leggen van verbindingen tussen mensen. Een vader kan een goed gesprek hebben met zijn zoon, een arts kan de patiënt zinvolle informatie geven en een voetbalscheidsrechter kan fluiten voor buitenspel. In de begintijd van deze wetenschap was er een simpel schema voor communicatie, ‘zender > bericht > ontvanger’. In de loop van de tijd werd dit schema steeds verder uitgebreid. Psycholoog Julius Fast schreef in 1970 zijn bestseller “Body Language”, in het Nederlands vertaald als ‘De taal van het lichaam’. Communicatie was niet langer meer een simpel bericht maar bleek te bestaan uit een hele reeks berichten. Die elkaar op hetzelfde moment zelfs konden tegenspreken. “Ik hou van jou” tegen je geliefde zeggen met gebalde vuisten en norse blik is geen geloofwaardige communicatie. Niet alleen onze houding maar ook onze kleuren bleken een boodschap te bevatten. Harmonieuze kleuren zijn betrouwbaar, contrasterende kleuren stoten af. Kleurenadviseurs helpen mensen om kleding te kiezen die past bij hun type; voor de een zijn dat primaire kleuren, de ander is meer gebaat bij pastel of bij warme herfsttinten. Allemaal zenders die hun eigen boodschap hebben.

Bedrijven hebben binnen communicatie een bijzondere positie. Zij hebben ontvangers aan twee kanten. Aan de ene kant bevinden zich de klanten, mensen van buiten de onderneming die iets kopen. Aan de andere kant zijn er de medewerkers die arbeid aanbieden. Zij krijgen instructies en opdrachten om uit te voeren. Het lijkt alsof een bedrijf een Januskop is, een hoofd met zowel aan de voorkant als aan de achterkant een gezicht. Zo lijkt het. In werkelijkheid communiceert een onderneming op precies dezelfde manier met de medewerkers als met de klanten. Ondernemingen blijken maar één communicatiecultuur te hebben die geldt voor alle ‘ontvangers’. Een goede verstandhouding met de medewerkers geldt ook voor klanten en omgekeerd. Leuke tip voor sollicitanten, benader eens een klant van je toekomstige baas voor informatie. Zo binnen zo buiten.

Drie Mythes Over Het Maken Van Plannen

Het maken van plannen is een belangrijke menselijke bezigheid. We plannen ons werk, onze vakanties, onze uitgaven en onze carrière. Ondernemen begint met een ondernemingsplan en ’s morgen plannen we onze activiteiten van die dag. Op scholen wordt volgens een plan gedoceerd en stadsbussen rijden volgens een plan, de dienstregeling. Een communicatieplan geeft richting aan wat we willen zeggen, tegen wie en waarom. Het lijkt er op dat met een plan alles goed komt. Lijkt, want er valt het nodige op af te dingen.

Het Strakke Plan

Zoals een collega ooit het voorbereiden van een les een vorm van faalangst noemde, zijn strakke plannen vaak een uiting van onzekerheid. Doorgaans zijn ze contraproductief. Ze knellen en leiden eerder tot ellende dan tot succes. Weidse, ruimtelijke plannen maken mensen enthousiast en zetten aan tot avontuurlijke stappen. Hoe meer mensen dan meedoen, hoe meer vruchtbare ideeën er geboren worden.

De Beste Keuze

De gevolgen van iedere keuze, en dus van iedere stap in een plan, is pas zichtbaar nadat de keuze is gemaakt. Nooit vooraf. Kiezen is dan ook een onzekere bezigheid. Deze onzekerheid is er de oorzaak van dat mensen beïnvloedbaar zijn. De manier waarop mensen kiezen is een belangrijk onderzoeksgebied binnen de psychologie en in de speltheorie. Mensen kiezen om heel verschillende redenen die niet te voorspellen zijn.

Meten Is Weten

We hebben een plan, we hebben keuzes gemaakt en nu we willen weten of het werkt. We willen meten. Ik ook. Dus levert Google Analytics mij dagelijks het aantal bezoekers op deze website. Vorige week had ik plotseling drie dagen achtereen geen enkele bezoeker. Dat is meten. Maar wat weet ik dan nog? En als ik al iets weet, wat kan ik er dan mee? Plannen is een belangrijke menselijke bezigheid. Maar maak er geen punt van!