Ben Jij Ook Zo Lekker Positief?

Steeds vaker hoor ik mensen om me heen uitspraken doen zoals ‘moet kunnen’ of ‘komt goed’. Ze stralen een bijna grenzeloos optimisme uit maar zijn verder moeilijk in beweging te krijgen. Sommigen lijken afkomstig te zijn uit het hippietijdperk in de 60’er jaren van de vorige eeuw. In die tijd waren er mensen die de wereld wilden veranderen, de hippies. Dat wilden ze niet door eigen inspanning maar door zichzelf buiten de maatschappij te plaatsen. Zo ontstonden er communes, grotere familieverbanden die zelfverzorgend waren. Woorden als ‘burgerlijkheid’, ‘materialisme’ en ‘kapitalisme’ vertegenwoordigden de wereld waar ze zich tegen verzetten. Zijzelf leefden in ‘peace’ en ‘love’. Ver weg van de maatschappij die toen al behoorlijk ingewikkeld begon te worden. Aan het einde van de 70’er jaren verdween de hippiecultuur. Uiteindelijk moet een hippie ook eten en moest er brood op de plank komen. En de bakker betaald worden. Over die bakker en dat brood gaat communicatie. Het is een activiteit die meehelpt om betaald werk te krijgen of een onderneming op te zetten. Het sleutelwoord hierbij is ‘actie’. Een actueel woord. Sinds het begin van deze eeuw heeft ‘actie’ zelfs de psychologie bereikt. In 2000 hebben twee psychologen de basis gelegd voor de ‘positieve psychologie’. Een volkomen nieuw gebied. Niet de psychologische problemen maar de positieve oplossingen zijn het onderwerp van hun studie en publicaties. Positieve ervaringen, zo redeneren zij, dragen bij aan ons ‘psychisch welbevinden’. Niet alleen van mensen maar ook van instituties; bedrijven en instellingen. Door een positieve aanpak kunnen deze instituties in de toekomst het verschil gaan maken. En daar gaat het ook om bij communicatie. Positief zijn is ook hier geen manier van zijn, maar een manier van doen. Die column van morgen wordt dus lekker positief.

Zo Binnen Zo Buiten

Communicatie is de wetenschap van het leggen van verbindingen tussen mensen. Een vader kan een goed gesprek hebben met zijn zoon, een arts kan de patiënt zinvolle informatie geven en een voetbalscheidsrechter kan fluiten voor buitenspel. In de begintijd van deze wetenschap was er een simpel schema voor communicatie, ‘zender > bericht > ontvanger’. In de loop van de tijd werd dit schema steeds verder uitgebreid. Psycholoog Julius Fast schreef in 1970 zijn bestseller “Body Language”, in het Nederlands vertaald als ‘De taal van het lichaam’. Communicatie was niet langer meer een simpel bericht maar bleek te bestaan uit een hele reeks berichten. Die elkaar op hetzelfde moment zelfs konden tegenspreken. “Ik hou van jou” tegen je geliefde zeggen met gebalde vuisten en norse blik is geen geloofwaardige communicatie. Niet alleen onze houding maar ook onze kleuren bleken een boodschap te bevatten. Harmonieuze kleuren zijn betrouwbaar, contrasterende kleuren stoten af. Kleurenadviseurs helpen mensen om kleding te kiezen die past bij hun type; voor de een zijn dat primaire kleuren, de ander is meer gebaat bij pastel of bij warme herfsttinten. Allemaal zenders die hun eigen boodschap hebben.

Bedrijven hebben binnen communicatie een bijzondere positie. Zij hebben ontvangers aan twee kanten. Aan de ene kant bevinden zich de klanten, mensen van buiten de onderneming die iets kopen. Aan de andere kant zijn er de medewerkers die arbeid aanbieden. Zij krijgen instructies en opdrachten om uit te voeren. Het lijkt alsof een bedrijf een Januskop is, een hoofd met zowel aan de voorkant als aan de achterkant een gezicht. Zo lijkt het. In werkelijkheid communiceert een onderneming op precies dezelfde manier met de medewerkers als met de klanten. Ondernemingen blijken maar één communicatiecultuur te hebben die geldt voor alle ‘ontvangers’. Een goede verstandhouding met de medewerkers geldt ook voor klanten en omgekeerd. Leuke tip voor sollicitanten, benader eens een klant van je toekomstige baas voor informatie. Zo binnen zo buiten.

Drie Mythes Over Het Maken Van Plannen

Het maken van plannen is een belangrijke menselijke bezigheid. We plannen ons werk, onze vakanties, onze uitgaven en onze carrière. Ondernemen begint met een ondernemingsplan en ’s morgen plannen we onze activiteiten van die dag. Op scholen wordt volgens een plan gedoceerd en stadsbussen rijden volgens een plan, de dienstregeling. Een communicatieplan geeft richting aan wat we willen zeggen, tegen wie en waarom. Het lijkt er op dat met een plan alles goed komt. Lijkt, want er valt het nodige op af te dingen.

Het Strakke Plan

Zoals een collega ooit het voorbereiden van een les een vorm van faalangst noemde, zijn strakke plannen vaak een uiting van onzekerheid. Doorgaans zijn ze contraproductief. Ze knellen en leiden eerder tot ellende dan tot succes. Weidse, ruimtelijke plannen maken mensen enthousiast en zetten aan tot avontuurlijke stappen. Hoe meer mensen dan meedoen, hoe meer vruchtbare ideeën er geboren worden.

De Beste Keuze

De gevolgen van iedere keuze, en dus van iedere stap in een plan, is pas zichtbaar nadat de keuze is gemaakt. Nooit vooraf. Kiezen is dan ook een onzekere bezigheid. Deze onzekerheid is er de oorzaak van dat mensen beïnvloedbaar zijn. De manier waarop mensen kiezen is een belangrijk onderzoeksgebied binnen de psychologie en in de speltheorie. Mensen kiezen om heel verschillende redenen die niet te voorspellen zijn.

Meten Is Weten

We hebben een plan, we hebben keuzes gemaakt en nu we willen weten of het werkt. We willen meten. Ik ook. Dus levert Google Analytics mij dagelijks het aantal bezoekers op deze website. Vorige week had ik plotseling drie dagen achtereen geen enkele bezoeker. Dat is meten. Maar wat weet ik dan nog? En als ik al iets weet, wat kan ik er dan mee? Plannen is een belangrijke menselijke bezigheid. Maar maak er geen punt van!

Een Goed Spel Maakt Veel Duidelijk

Hoe vertel ik het de mensen?” vroeg een penningmeester van een vereniging enige tijd geleden. “Wat wil je dan vertellen?” gaf ik als antwoord. “Dat onze clubkas een bodem heeft en dat niet iedereen zo maar alles kan declareren.” Hij keek me zorgelijk aan, “Iedereen doet maar!”. In zijn stem klonk onmacht en in mijn fantasie hoorde ik een droevige snik. “Ze begrijpen er geen bàl van!” En dat begreep ik heel goed want wie heeft er nou na de middelbare school nog een grootboek aangeraakt, een balans opgemaakt of een rekening van verlies en winst gepresenteerd? Daarnaast zijn cijfers abstracte begrippen waarover het altijd lastig praten is. Al zijn pogingen ten spijt had deze penningmeester geen kans gezien het uitgavenpatroon van zijn club goed te regelen. Mensen die geld mogen uitgeven, hoe weinig ook, hebben daardoor een machtspositie die ze niet graag uit handen geven. Zelfs niet als ze daarmee een organisatie in gestrekte galop naar de ondergang sturen. Alle privileges intrekken werkt niet, dat roept alleen maar weerstand op en gooit de hele interne structuur overhoop. Over geld praten werkt evenmin, daar is het onderwerp nou weer net te abstract voor. Budgetteren, een vast bedrag per jaar toekennen, was een oplossing maar hoe regel je dat? In dit soort situaties biedt een spel vaak uitkomst. Zo’n spel draait om het onderling verdelen van een onbekend bedrag waarbij alle deelnemers van te voren vertellen hoeveel geld ze nodig hebben en waarvoor ze dat gaan uitgeven. Is dit bedrag op voordat iedereen aan de beurt is geweest dan krijgen sommigen geen geld. Omdat dat niet kan wordt een nieuwe ronde gespeeld totdat al het geld verdeeld is. Door met speelgeld te werken ontstaat een realistisch spel. Het onderlinge overleg leidt tot wederzijds begrip en hopelijk ook tot begrotingsdiscipline. Ik ben erg benieuwd of dit spel ook bij deze vereniging werkt.